Heb lef
Vanmiddag waargenomen boven mijn huis te D.: een ouderwets reklamevliegtuigje met een sleep erachter. Met daarop de tekst: “Heb lef, stem LPF”. Da’s lef hebben na er zo’n puinzooi van te hebben gemaakt.
Vanmiddag waargenomen boven mijn huis te D.: een ouderwets reklamevliegtuigje met een sleep erachter. Met daarop de tekst: “Heb lef, stem LPF”. Da’s lef hebben na er zo’n puinzooi van te hebben gemaakt.
Nu ik er zo over nadenk (zie het stukje over de SGP hieronder): is er al iemand die de SGP voor de beoordelingscommissie van de immigratiedienst heeft gesleept? Want als ik het goed bekijk hebben de gereformeerden dezelfde tekortkomingen, die wij de allochtonen momenteel massaal aan het verwijten zijn.
Allereerst: ze zijn niet geïntegreerd. Wanneer allochtonen niet integreren, en weigeren om dit te leren via de inburgeringcursus, worden ze het land uitgeflikkerd. Gereformeerden integreren niet, en weigeren ook categorisch om daarin verbetering aan te brengen. Naar de inburgeringcursus dus, want anders….
Ten tweede: wanneer allochtonen geen normaal nederlands spreken worden ze ook het land uitgeflikkerd. Welnu: gereformeerden spreken geen normaal nederlands. In elke zwaar gedragen zin komt wel het woord Here of een bijbels citaat voor. En zo praat de gemiddelde Nederlander niet. Naar de taalcursus dus, want anders….
Ten derde: wanneer een Imam ontoelaatbare uitspraken doet over homofilie wordt-ie voor de rechter gesleept. Terecht overigens. Is er al iemand die de SGP voor de rechter heeft gesleept? Want wat de gemiddelde gereformeerde roept over homo’s en lesbo’s is niet voor de poes. Ligt niet ver naast hetgeen de Imam heeft gezegd. De imam werd voor de rechter gesleept. De SGP nog steeds niet.
Voor de goeie orde: ik gun eenieder zijn of haar geloof, en heb daar ook alle respect voor. Zolang dat maar niet aan anderen wordt opgedrongen. Of zolang anderen er maar niet van worden weerhouden om toe te treden. En zolang er maar niet met twee maten wordt gemeten…
Er is in elk geval een politieke partij waarop ik zeer beslist nooit zal stemmen: de SGP. Ik zal uitleggen waarom. In mijn middelbare schooltijd had ik een vriendinnetje. Ze kwam uit Haarlem, was knap, en ik was tot over mijn oren verliefd. En zij op mij, althans dat zei ze in elk geval wel dus zal dat wel zo geweest zijn. We kregen helaas nooit de kans om er echt achter te komen. Ze kwam uit een streng gereformeerd gezin, terwijl mijn ouders overtuigd atheist waren, en ik dus ook. Ik liep met lang haar rond, zo was dat in de nadagen van de provobeweging en de begindagen van de joint. En daar moesten de ouders van dat meisje natuurlijk helemaal niets van hebben.
Ik ben er twee keer over de vloer geweest. De eerste keer werd ik nog gedoogd, al sloegen deze twee mensen een ijselijke kou uit waar je ter plekke van zou bevriezen. De tweede keer riep de vader mij, hij sprak me streng toe en zei dat het afgelopen moest zijn “omdat jij niet bij onze kerk hoort, en dat vindt de Here niet goed.” Einde oefening dus. We hebben elkaar nog een paar keer stiekum gesproken, maar daar kwam papa ook snel achter. Waarschijnlijk via zijn lieve Heer. Of een andere klikspaan uit Zijne Kerk. Toen was het kaarsje helemaal uit. Maar: het mooie komt nog.
Een tante (nou ja, geen echte, maar zo eentje uit de buurt die als vanzelf een tante wordt omdat ze zo aardig is) van mij woonde vlak bij de ouders van het meisje. Toen die tante hoorde dat ze mij de deur hadden gewezen wegens ongeloof, stapte deze tante naar het huis van de ouders. Ze werd binnengelaten, en die kans heeft ze benut om de ouders gigantisch de mantel uit te vegen. Met als klapper de volgende: “Als jullie echt gelovige mensen waren geweest, dan hadden jullie hem er niet uit gegooid, maar hadden jullie juist geprobeerd hem tot jullie geloof te overtuigen.” Die bom sloeg keihard in, en ook mijn tante werd de deur uitgezet. Prima tante.
Die eerste kennismaking en aanvaring met gereformeerden is de reden dat de kans, dat ik SGP’ers ooit aardige mensen ga vinden, tot ver onder het vriespunt is gedaald. Ze moeten je niet, zullen je nooit moeten, en geven je nog een geniepige trap na ook. En op zondag vooraan in de kerk mooi gelovig weer spelen, met het bijbeltje strak onder de arm geklemd, en gekleed in driekwart plooirokken en strak zwart pak. Tot drie keer toe die dag, als ik het goed heb. Getverrrr, wat een valse bekrompenheid.
Ik heb in mijn verdere leven nog wat meer akkefietjes met gereformeerden meegemaakt, die mijn visie op deze club alleen maar hebben versterkt. Eng volk, wellicht een enkele goeie uitzondering daargelaten. Ik heb er uit die laatste categorie tot nu toe nog niet een mogen ontmoeten. En mocht dat toch gebeuren, dan zal die ene mij er zeker niet van weten te overtuigen dat met de SGP in de regering een vrije wind door dit land zal waaien. Integendeel. Het fundamentalistisch gereformeerd gezag loert al vanachter de horizon. Als dat gebeurt (de kans is gelukkig miniem) ben ik hier weg, en vul ik mijn weblogje wel vanaf elders op deze aardkloot. Maar zeker niet Fiji, want dan loop ik Randdebiel Ratelband weer tegen het lijf, en da’s wel het allerlaatste wat ik wil.
Nu gaan de peilingbureau’s elkaar peilen of ze met gezamenlijke peilafspraken kunnen komen. We zakken steeds verder in een peilloze diepte.

Waarom weet ik niet, maar ik moest vanavond ineens aan mijn oma denken. Ze is al weer zeker 18 jaar dood en was een zeer lief mensje. Onze zoon, toen bijna 2 jaar, noemde ze altijd “mien keerltjen”. Zo noemde ze mij ook toen ik zo klein was. Onze dochter heeft ze helaas nooit gezien, want toen zij werd geboren was oma er al niet meer.
Oma was een keiharde. Nooit bij een dokter geweest. Opa was al in 1964 overleden toen ik een jaar of 11 was en ze had het al die jaren alleen prima gered. Ze reed op haar 94-ste nog op een stokoude Solex door het dorp, waarbij ze de verkeersregels van rond 1910 toepaste. Dat hield in dat ze totaal geen rekening hield met het overige verkeer en net deed of al dat verkeer er niet was. Ze ging er blindelings van uit, dat alle andere verkeersdeelnemers zouden stoppen wanneer zij de rijksweg overstak. Met zo’n ouderwets wit pothelmpje op. Dat deed ze niet om haar eigen veiligheid te verhogen, maar omdat ze niet wilde niet dat haar haar door de wind in de war zou raken.
De plaatselijke rijkspolitie had al diverse keren geprobeerd oma er van te overtuigen dat ze maar beter de Solex op het erf kon laten staan. Maar daar had oma geen oren naar. Ze moest toch naar de bakker en de slager? En dat hele eind lopen, nee dat ging niet meer.
Uiteindelijk werd er een oplossing gevonden. Oma ging altijd klokslag 11:00 uur op weg en arriveerde dan tien minuten later in de hoofdstraat bij de bakker. Een kwartiertje later had ze de boodschappen bij elkaar, en tufte dan weer snorrend en tevreden het dorp uit. Je kon de klok erop gelijk zetten. De rijkspolitie begreep dat zij oma niet van de Solex zouden krijgen tenzij de dood neerviel, en besloot daarop dagelijks om 11:00 uur het verkeer in de drukke hoofdstraat stil te leggen zodat oma veilig kon oversteken. Voor dat soort zaken had de plattelandspolitie toen nog wel tijd en mensen: we hebben het over 1980.
En zo geschiedde dat elke week op maandag t/m vrijdag de dorpsstraat twee keer een minuut werd stilgelegd om oma veilige doorgang te verlenen. Op zaterdag kwam oma nooit naar het dorp maar ging ze op bezoek bij buren of familie. Op de Solex, waarbij we het geluk hadden dat alle bezoekadressen aan stille landweggetjes waren gesitueerd. Weinig verkeersrisico dus. De zondag was toen nog de rustdag, ook voor de Solex.
Toen mijn oma al dik 96 was maakte ze het laatste ritje. Ze werd wat slechter ter been en zag het allemaal niet meer zo scherp. Ze belde met het politiebureau dat ze de dorpsstraat niet meer hoefden af te zetten, want ze verhuisde naar het “bejoardenhoes”, en de Solex ging niet mee. Oma heeft daar nog ruim twee jaar gewoond. Een paar maanden voordat ze 99 zou worden liep ze met een pot verse thee van het keukentje naar de kamer, kreeg een hartstilstand en viel dood neer. Een mooie dood.