Russen, raar volkje
Hedenmiddag, tegen een uur of een. Ik rij op de A1 bij Amersfoort, richting Amsterdam. Op de linker rijbaan. Het is erg druk. Voor me wordt een file geboren en de auto’s gaan in de remmen. Ik dus ook. Achter me nadert een joekel van een touringcar, zie ik in de spiegel. Rechts is nog wat uitwijkruimte, zie ik in een flits, dus ik kan weg als het moet. De bus komt een paar meter achter me net op tijd tot stilstand. Gelukkig maar. Wanneer de file weer in beweging komt rijdt de bus even later gelijk op rechts naast me. Ik kijk de chauffeur aan met een boze blik. Zo van “Kijk voortaan effe uit je doppen en trap wat eerder op die rem, eikel!” De chauffeur kijkt even opzij maar reageert verder niet. De bus rijdt iets sneller dan ik en haalt me dus langzaam rechts in. Ik kijk omhoog. De inzittenden kijken naar me, lachen, klappen en juichen. Tenminste, daar lijkt het wel op. Eentje steekt de duim naar me op en lacht. De bus glijdt me nog verder voorbij. De bus is hartstikke smerig en zit van boven tot onder dik onder het stof. Ik kijk naar het kenteken. Er staat RUS. Een Russische touringcar dus. Geen wonder dat-ie zo smerig is: die kar heeft al een beste rit achter de rug. Als de bus me rechts helemaal heeft ingehaald gaat langs de achterruit een gordijntje opzij. Iemand steekt een papier omhoog met “OK!” erop. En hij lacht en zwaait wild naar me, alsof-ie een oude bekende ziet die hij in jaren niet is tegengekomen. De diepere zin van dit alles ontgaat me volkomen. Tenzij de chauffeur ze wijs heeft gemaakt dat hij zojuist mijn leven heeft gered. Ik kan maar 1 conclusie trekken: Russen, raar volkje.


