
Prachtig, die oude Russiche zwartwit-films. Kan er niet genoeg van krijgen. Die prachtig contrasterende maar zo sombere belichting, dat ingetogen maar toch volle acteren. De brede violen die een belofte oproepen welke voor de Russen in de Sowjettijd ver achter de horizon lag. Die een tijd terughalen, die inmiddels ook voor de Russen ver achter hen ligt maar toch zo dichtbij omdat velen er naar terug verlangen. Ze wennen maar niet aan de huidige chaos in het land en willen terug naar Vadertje Communisme. Uit die tijd stammen de meeste films op de Russische zender RTR. Prachtige films zijn het. De korte en scherpe dialogen. Ik versta er geen biet van maar het is mooi. Heel mooi. Een blik in een donker verleden, waar we -toen het nog vandaag was- niet in konden kijken omdat het IJzeren Gordijn in de weg stond. Nu komen al die oude heroische films via Internet alsnog onder onze ogen. Ook kijken? Russian Live TV: kies uit het lijstje de zender RTR Planeta. Deze zender draait veel oude Sowjet-films en gunt ons zo een blik in een wereld, die voor veel oudere Russen heel gewoon was.
Zonder enige aarzeling durf ik hier de stelling te poneren dat de overheden (plaatselijk, provinciaal, landelijk en Europees) gezamenlijk één grote oplichtersbende vormen. Hoe ik daar zo bij kom? Omdat ik me in toenemende mate grenzenloos irriteer en kwaad maak over hoe overheidslabbekakken met geld omspringen. Een paar voorbeelden.
In het nieuwe hoofdkantoor van de gezamenlijke uitkeringsinstanties werden gloedjenieuw niet sjiek genoeg plafond en vloerbedekking er weer uit gesloopt. Het werd vervangen door duur marmer en kersenhout. Kosten: 8 miljoen Euro. ACHT MILJOEN! Van uw en mijn belastingcenten. Bij een instantie, die bijstandsmoeders en echte WAO’ers kort op hun uitkeringen. En waarom? Omdat de directie de uitstraling niet sjiek genoeg vond. En -ik citeer een officieel commentaar van de instelling- omdat er met kersenhout aan de wand beter kan worden vergaderd door de betere akoestiek. Het is godsgeklaagd en totaal krankzinning!
Europarlementariers zijn gewoon ordinaire zakkenvullers. Ze krijgen voor een retourtje vliegtuig van huis naar Straatsburg zo’n 1800 tot 2200 Euro. Verschilt per land. Ze kopen echter veel goedkopere tickets, en het verschil steken ze doodleuk in de eigen binnenzak. Dat verschil bedraagt ergens tussen de 1000 en 1400 Euro! Goeiemorgen dan. Elk vliegtripje weer opnieuw. Da’s dus elke week zo’n beetje. Per maand steekt een gemiddelde Europarlementarier dus zonder blikken of blozen iets van 4500 tot 5000 Euro in eigen zak. Het is toch om wild van te worden? Staat zo’n Griekse zak voor de camera met een uitgestreken smoel te beweren, dat dit volkomen terecht is, omdat hij wel 8 tot 9 uur onderweg is. Je zou zo’n kloothommel toch de broek van z’n kont trekken? Staat-ie eindelijk echt voor lul. Op staande voet eruit flikkeren die lui. En ze alles keurig netjes terug laten betalen natuurlijk!
De gemeente D., waar ik woon, is al geen haar beter. In een binnenkort te bouwen nieuwbouwproject gaat de grond straks 800 Euro de vierkante meter kosten. Hoeveel? Ja, 800 Euro. Da’s dus bijna 2.000 oude guldens. Per vierkante meter… Terwijl ooit de gemeenteraad plechtig heeft beloofd dat er betaalbare woningen worden gebouwd met een redelijke grondprijs. U raadt het al: de verkoop gaat niet zo snel als de gemeente had gedacht, zo liet de voorlichter onlangs weten. Terwijl het toch zo’n praaaachtig bouwproject is. Ja, eikel, verbaast je dat dan? Hoezo plank voor de kop!
En we weten inmiddels dat in de afgelopen 5 jaar de prijzen met gemiddeld 49% zijn gestegen, de laatste twee jaar extra veel door de invoering van de Euro. Zalm zei destijds na een half jaartje Euro dat er van prijsstijgingen geen spraaaaaaake was. Nou ja, misschien een procentje of 2 dan om de kosten van de Euro-invoering te dekken. Wat een leugenbak toch! Mijn lieftallige wederhelft verbaast zich nog dagelijks in de supermarkt over prijskaartjes, waarop de oorspronkelijke prijs in guldens nu doodleuk in Euro’s staat vermeld. Voorbeeld: pakje kauwgom van een bepaald merk was 99 cent in de gulden-tijd. Kost nu 1,25 Euro! Hoppa. En diezelfde Zalm mag nu naast Brakenende mooi weer zitten spelen als 1 van de 2 vice-premiers. Verdoezel uzelf naar een leuke carriere. Getverdemme. Zit ik er ver naast wanneer ik mezelf hier de vraag stel dat hier toch geen jota van klopt?
Trouwens: de middenstand was ik nog vergeten in het rijtje oplichters, maar dit terzijde. Deze groep zakkenvullers krijgt de trekken nog wel thuis wanneer we massaal de knip dicht houden omdat het allemaal niet meer te betalen is. Voorbeeld: het lokale tuincentrum kon na de kerst bij na de complete kerstbomenvoorraad op de brandstapel gooien, omdat er amper een was verkocht. Waarom? Omdat wij het hier allemaal ronduit verdommen om omgerekend meer dan 60 gulden voor een kerstboom neer te tellen. Of bijna zes gulden voor een lullig bakje met wat viooltjes, waar we voorheen 2,50 gulden voor betaalden. Ze bekijken het maar, die middenstanders. Ik koop alleen nog daar waar de prijzen wel keurig netjes zijn omgerekend. Want dat soort middenstanders zijn er gelukkig ook nog.
Van dit soort dingen word ik dus echt hoorntjedol, woedend, kwaad en pislink tegelijk. Oplichters, zakkenvullers zijn het, allemaal. Stuk voor stuk uit hun overheidsstoeltje trappen en de allerlaagste uitkering geven die we op Europees nivo kunnen vinden. Weten ook zij eens wat het is om elke Euro-cent drie keer te moeten omdraaien. Godsammegloeiendenogantoe…

Sinds ik weet dat Marjanne in Tilburg journalistiek studeert speur ik elke week, wanneer ik naar mijn werk in Tilburg moet, bij het NS-station even uit het autoraampje naar de in- en uitstroom mensen op het stationsplein. Juffrouw Jannie, die elke week met mij meerijdt, speurt zo mogelijk nog harder dan ik, want ik moet ook nog op het verkeer letten. We weten ongeveer hoe ze eruit ziet, want haar kiek staat op haar weblog. We bedoelen met die speurtocht verder nix, laat dat wel even duidelijk zijn. Ik zit toevallig in het vakgebied waar zij kennelijk -gezien haar studie- ook in wil. En Jannie wil een keer met haar op de koffie. Da’s al. Misschien komt ze wel nooit op het station, weet ik veel. En op twee uit een autoraampje starende types zit ze natuurlijk al helemaal niet te wachten. En toch kijken we elke week weer eventjes of we toevallig een gezicht zien, dat lijkt op dat van de website. Stom he? Kans nul natuurlijk, maar toch doen we het. Soms zie ik iemand lopen, die qua uiterlijk in de richting komt. Zou ze dat dan inderdaad zijn? Geen idee natuurlijk, en als ze het al was zou ik toch niet echt het raampje open draaien en bleren “He, Marjannetjuuuhhhh!”. We zetten mensen graag met een gebbetje voor aap, Jannie en ik, maar dit zou te ver voeren.

Het sneeuwt in D. Wolken witte vlokken waaien door het dorp. Net als bij stuifsneeuw liggen witte vlokkige walletjes tegen de trottoirranden in de goot. Wie een beetje hooikoortspatient is moet hier vandaag hollen voor de pollen.
Waar heb ik dit eerder gezien? Oh ja, een poosje terug op Iraq-TV. Nu weer hetzelfde liedje op Cuba-TV. Veel muziek, veel gedans, boel positivo nieuws over hoe mooi Cuba wel is. Terwijl we hier donders goed weten dat Castro -naarmate hij ouder wordt- steeds verder van het rechte revolutiepad afdwaalt naar een rechts pad van totalitair regime en repressie. Cuba-TV: deja-vu…
Een grote stad in Brabant. Ik parkeer waar ik niet mag staan. Het regent pijpenstelen. Ik heb geen zin om ver te lopen met alle paperassen en de portable computer. Komt een in lokaal uniform gestoken baasje op hoge poten een sjabbie kantoortje uit stuiven: “He, U mag hier niet parkeren. Dit is prive-terrein”. “Wa segge? Niet parker’n? Owe, da hek nie’esien. Ik kum hier ja gar nie noojt”, zeg ik in dialect met veel ingeslikte n’s en natte t’s. “Wat zegt U?”, vraagt uniformpje. “Da’k ja gar nie noojt hier kom. Kbun neu hier. Nou, holdoe reg en ajuus, kmot besiete het hoes”, zeg ik met mijn vriendelijkste smoelwerk en ik loop weg, het uniformpje in verbijstering achterlatend. Handig, zo’n nep dialect waar niemand van wat begrijpt. Als ik een uurtje later terugkom staat de auto er nog steeds. Ik zwaai vriendelijk naar uniformpje. Je ziet ‘m denken: “Stomme boer”…

“Goedemorgen”, zeg ik tegen de man die ik niet ken. “Val dood teringlijer”, zegt de man. Gelukkig, ik ben weer in Amsterdam.
Vanwege schouder-rsi zowel links als nu ook opkomend rechts, dreigend ooglidneerval, teveel aan werk, tekort aan slaap, visievervuiling, overmatig autobaangebruik, dropopstoppingen, frisseluchtbehoefte, taalinkrimpingsbehoefte, voorjaarskriebels, muziekcomponeeragressie, reactieleesmoeheid, politieklamheidgevoelens, computercrashepidemie, cdverzamelingverwaarlozing, woordkeuzeoverdaad, toetsenbordvervuiling, rolmuisopstoppingen, muismatverslijterij, maar met name vanwege tegenstrijdige originaliteitsinvallen voorlopig hier slechts irregulier alsook irrelevante korte bijdragen. Zo ongeveer.
Op de Veluwe waart sinds een paar dagen een bomenmoordenaar rond in de nachtelijke uurtjes. Met een handzaag zaagt hij lukraak boompjes om. Zomaar. De troep laat-ie gewoon liggen, want hij heeft kennelijk thuis geen open haard. Je zou zo’n tiep toch ook ik weet niet wat… Ja wat eigenlijk? Heeft U een idee?
Bent u katholiek? En heeft u toch wat moeite met sexuale onthouding voorafgaand aan het huwelijk? Hulpbisschop E. de Jong in Roermond heeft in dat geval een een uiterst handige tip voor u.
Hoera! Norton heeft me gered. De bootschijf van de Mac is er weer en alles staat er nog keurig op. Pfffff…..
Aaaargh!!! De boomstructuur in de BTree is een volledig partitie kwijt in mijn Mac. De boot nog wel, waar nummertjes A-3260 tot en met A-3278 corrupt zijn. Of zoiets. En dat zijn nou net de Mountsectoren die er voor zorgen dat de opstartschijf in beeld komt. Dat doet-ie nu dus niet meer. Norton Disk Doctor stampt zich al een uur een ongeluk en probeert de Btree Header te vinden en in model te zetten. Maar er zitten kennelijk overlappingen in de bestandsstructuren in de weg, waardoor het feest vooralsnog niet doorgaat. Heel langzaam zakt dedese in een lichte berusting. Straks wordt het nog initialiseren, alle software er weer op, alle updates weer opzoeken, en de backups terugzetten. Daar gaan weer een paar avonduren naar de ratsemidee. Nog even en ik keer terug naar het papier. De multomappen, die ik dertig jaar geleden al maakte, staan nog steeds prima leesbaar in de kast. Dat kan ik van veel digitale bestanden niet meer zeggen. Lang leve de computer…
Deze is wel weer uniek: een draadloze webcam, gemonteerd in een auto in Florida. We kunnen voortdurend meegenieten waar de eigenaar heen rijdt. Kijk maar eens mee op Florida Mobile Cam.
Het lijkt wel of mijn weblogje ongewild voorspellende gaven tentoon spreidt. Het begon met die 45km autootjes. Nadat ik er de eerste keer over had geschreven kom ik die dingen voortdurend tegen en zitten ze me vaak dwars onderweg. Toen dat met Trabant-TV. Na dat postje kom ik steeds Trabants tegen, daarvoor amper of niet. Gisteren nog weer met die aangereden Trabant bij Muiden, waardoor ik urenlang in het verkeer vast zat.
En nu weer met dat postje over een rookverbod in het lokale bejaardenhuis. Ik schreef afgelopen dinsdag: het wachten is op de eerste uitgebrande kamer. En verdomd: eergisteren brandt in het verzorgingstehuis in A., waar mijn moeder woont, vier deuren naast haar een kamer volledig uit. Oorzaak: de 85-jarige bewoonster kreeg een hartstilstand terwijl ze een sigaret zat te roken. Pmdat in de openbare ruimten niet meer mag worden gerookt. Ik ga maar eens een beetje oppassen met de dingen die ik hier tik.
Aan de andere kant: zou het helpen wanneer ik hier een postje tik over een paar ton aan Euro’s, die ik win in de Staatsloterij? Of dat Postcode-gedoe, waar we ook nog aan meedoen? En wat ik dan allemaal met dat geld zou gaan doen? Huis aflossen. Geluidsstudio moderniseren. Nieuwe snellere computer kopen. Leuk ver reisje maken met de wettige wederhelft. Nieuw tweede autootje. Wensen genoeg wat dat betreft. Ook al zijn we met datgene wat we nu hebben dik tevreden, het kan altijd nog een beetje beter.
Stel je voor zeg, dat ik hier over een poosje kan melden dat dit getik over geld resultaat heeft gehad. Dat onze bankrekening ineens een stand vertoont, die er met normaal werken wel nooit op zal komen. Het zal wel weer niet zo werken natuurlijk, want dit is ongetwijfeld de goden verzoeken, waardoor het feest niet doorgaat. Dat soort leuke gebeurtenissen dwing je niet af, maar overkomen je. Maar ik waag toch maar een gokje, je weet maar nooit. Een tonnetje of twee is al meer dan voldoende.
He he, ik heb eindelijk m’n auto weer terug. De bussluis had fikse schade veroorzaakt. Carterpan kapot. Aanjaagmotor airco kaduuk. Versnellingsbak deels kaduuk. Voorfront afgebroken, en een balk fors verbogen. Hoppa. Maar goed, verzekering dekt gelukkig de schade.
Ik heb er wel wat voor moeten doen vandaag om ‘m terug te krijgen. De auto werd gerepareerd in Amsterdam en was vanmiddag om 14:00 uur klaar. Ik om 14:30 uur erheen, vanuit Apeldoorn. Kom ik bij Amsterdam in een complete verkeerschaos terecht: alle verkeer rondom Mokum zat vanmiddag letterlijk muurvast. Op de A9, de A1 en de A10. Tjokvol stilstaand verkeer. Dat schiet dus niet op.
Na twee uur ben ik eindelijk op de Radarweg bij de schadehersteller, en kan ik mijn auto weer meenemen. Ik krijg er zelfs twee bosjes bloemen bij voor het ophalen. Een bosje voor de heenrit, en een tweede voor de terugrit, zegt de balieman er met een bulderende Amsterdamse lach bij. Goeie PR, en bovendien ook erg aardig.
Om 16:45 uur rij ik weg bij de schadehersteller. Dan de stad weer uit. Het verkeer zit nog steeds vast: het is zelfs nog erger geworden, want de spits is begonnen. Kost me uiteindelijk nog eens twee uur en een kwartier om weer in Apeldoorn te komen. Het is dan inmiddels 19:00 uur, en ik moet nog een rapport afmaken. Dat is tegen 20:30 af en ik verlaat het verder lege kantoorgebouw. Ik kan naar huis. Om 21:05 ben ik dan echt thuis. Fijn autolandje leven we in.
En weet u nou wat de oorzaak was van al die verkeersellende bij Mokum? Een enkele aanrijding op de A1 bij Muiden. Met een…..Trabant! Echt waar, een Trabant. Met een aanhangwagentje erachter. Heb ik op de heenweg zien staan. Trabantje aan de zijkant aardig in elkaar gedrukt, maar verder nog onmiskenbaar herkenbaar zo’n grauw grijze Trabant.
Die dingen beginnen me te achtervolgen sinds ik over Trabant-TV ben begonnen een poosje terug. Vandaag dus deze, en gisteren in een of ander showprogramma ging het ook al over Trabants. Ik zei het toch, een tijdje geleden al: Trabants komen weer volop in de picture! Sinds vanmiddag ben ik daar een stuk minder blij mee. Afgaand op de radiomeldingen heb ik vandaag bijna 30 kilometer stilstaande c.q. tergend langzaam voortkruipende file uitgezeten, bijna 2,5 uur lang. Es lebe der Trabant! Alstublieftdankuwel.
Wanneer je zoals ik regelmatig door ons landje tuft voor je werk zie je onderweg veel. Dingen om je aan te ergeren, zoals 45km autootjes of tegenliggers die denken dat de binnenbocht de veiligste korte weg is. Maar je ziet ook veel leuks. Vandaag zag ik er toevallig twee. De eerste was een oude Renault 4, waarin vier overduidelijk te dikke mensen zaten. Met name de dame rechtsvoor had een goed zichtbare voorkeur voor gezellig vet voedsel, want ze was zo dik dat ze zowat letterlijk uit het autootje puilde. Een rood opgeblazen hoofd en een jachtige blik naar buiten toonden aan dat ze het niet gemakkelijk had in de voor haar veel te krap bemeten ruimte. Door haar gewicht zeeg de rechter neus van de auto gevaarlijk naar de straatstenen en reed het autootje letterlijk scheef hangend door het verkeer. Niks bijzonders, wel humoristisch om te zien. De tweede was wat opvallender. Ik reed achter een bestelbusje van duidelijk een wat langer geleden bouwjaar, afgemeten aan de roest en deuken. Zelfs de nummerplaat hing scheef, zoals het bij dat soort busjes hoort. Op de twee achterdeurtjes stond de volgende tekst: “Hassan Ödömösse, voor al uw klösse stopt Hassan ‘m ertösse”. Originele reklametekst, toch? Wat Hassan dan wel voor beroep had? Het stond er ter verklaring netjes onder: “Vakspecialist in het inspuiten van spouwmuurisolatie”. Prachtig toch?
Soms kom je op Internet muziek tegen waarvan je direct kippenvel krijgt en denkt “Oh, wat mooi gemaakt”. Dit is er zo eentje. (Copyright: music by Frank Bilsen for The Music Lab.)
Vanavond ff geen post. Zit in een chat over nieuwe software met de ontwikkelaar in Canada. Wat een mooi medium is dit toch. Alleen dat tijdsverschil nekt je. Hier is het bijna middernacht, ginds in Quebec is het nu 17:32. Ook weten hoe laat het elders op de wereldbol is? Kijk dan even op dit klokje.
Zonet op National Geographics geleerd dat vrouwen op 52 verschillende manieren de aandacht proberen te trekken van mannen die zij aantrekkelijk vinden. 52! Een Amerikaanse wetenschapster heeft daar onderzoek naar gedaan en de 52 manieren uitvoerig beschreven in een boekje. En dan zeggen ze nog dat wij mannen maar aan 1 ding denken…

Belachelijk. Een ander woord heb ik niet voor wat ik vandaag weer hoorde. In het lokale verzorgingstehuis heerst sinds vandaag een totaal rookverbod in gezamenlijke ruimten. Voor het personeel, maar dus ook voor de inwoners. In het verzorgingstehuis is een groepje van een man of wat, allen ver in de tachtig, dat dagelijks met elkaar optrekt. Deze mannen zijn allemaal qua gezondheid wat minder, en qua beweging nog minder. Dus zitten ze elke dag gezellig bij elkaar in de verblijfruimte en roken een sigaartje, leggen een kaartje, en ouwehoeren zo de dag door. Het is in feite hun enige verzetje, want buiten de deur komen ze niet meer. Ook voor dit groepje geldt het rookverbod, en daarmee is dus abrupt een einde gemaakt aan hun dagelijkse clubje en dus sociale contact. Het enige verzetje dat ze hadden.
Wat is het resultaat van deze fantasische maatregel? De opa’s willen toch hun sigaartje roken, en zitten nu dus eenzaam op hun kamers, waar nog wel mag worden gerookt. De kamers zijn te klein om met de hele groep te gaan zitten. Een van de opa’s, die nog een beetje mobiel is, moet nu met zijn sigaartje naar buiten want hij wil niet de hele dag op zijn kamer zitten. En dus zit hij eenzaam en alleen op het bankje in het parkje voor het verzorgingstehuis. Zijn sigaartje kan ie daar dan wel aansteken, maar de gezellige aanspraak is hem afgenomen, en de rest van de wereld heeft ook weinig boodschap aan de oude man.
Roken is slecht, dat weten we allemaal, maar deze maatregel slaat werkelijk nergens op. Daar komt nog bij dat de oude mannen in de gezamenlijke ruimten nog een beetje in de gaten kunnen worden gehouden. Er zit al menig brandgat in het tafelkleed van hun stamtafel, maar de verzorging is er altijd wel op tijd bij omdat ze toch permanent in het dagverblijf aanwezig zijn. Op de kamer wordt dat een heel ander verhaal. Je kunt moeilijk van de verzorging verwachten dat ze elk kwartier de kamer in lopen om te controleren, of de opa’s hun sigaartje niet per ongeluk naast de asbak laten doorsmeulen. Of dat ze hun paffertje in bed hebben opgestoken, met alle risico’s van dien. Afgezien van het isolement, waarin deze oudjes nu willens en wetens door de leiding van het tehuis zijn geplaatst, is het wachten verder nog op de eerste uitgebrande kamer…

OK, OK, ik was in mijn vorige postje misschien wel wat wild over Juffrouw Mens. Ik bedoelde eigenlijk te zeggen dat ik haar nog veel erger vind dan in het vorige postje omschreven. Een tot welhaast onvoorstelbaar grote porporties opgeblazen BarbieTrutMetZonderVerstand, met hetzelfde HoogDomEnKwijlebabbelGehalte als haar wanstaltige papa die eveneens per direct wat mij betreft uit omroepland dient te worden geruimd. Als ik die man zie krijg ik spontaan last van gordelroos. Dan jeukt het me aan alle kanten. Dan staan mijn haren overeind. Dan trek ik in een keer van pure ellende een complete sigaret weg. Dan….. Nou ja, het is wel duidelijk zo. En dit alles dan in het viervoudige voor wat betreft dat stuk verdrietdochter van hem. Zo duidelijk genoeg?
Als ik het allemaal goed begrijp klopt er allemaal niets meer van. We doen alles verkeerd, wat we hebben is ook allemaal verkeerd, en wat we ook proberen: het blijft verkeerd. Tenzij…loopt U even mee?
Thuis. Ons interieur moet dringend op de schop. Bij voorkeur door de buren, of door een gesjeesde showmaster die zijn frustraties botviert op andermans interieurs. Of -nog erger- door Jan des B., die van elk onooglijk stukje hout nog een meubelstuk weet te maken. Heel knap, maar niet aan ons besteed. JdB komt er bij ons niet in.
Onze tuin. Van onze tuin klopt ook al helemaal niets. Daar moet dringend een bulldozer doorheen, en dan geheel opnieuw opbouwen die handel. Vrachtwagen zand erin, nieuwe tegels, leuke potjes, pilaartjes, vreemde schuttingen, asymmetrisch patroontje erin, en wanstaltig tuinmeubilair. Met als klap op de vuurpijl een joekel van een parasol, waar het Russisch Staatscircus nog onder zou kunnen optreden. En niet te vergeten de bovenmaatse betonnen stookplaats, waar we elke weekend vlees kunnen verbranden. Gezellig.
Dan: de kleding die we dragen. Klopt ook helemaal niets van. Als we niet oppassen worden we door de Modepolitie van straat geplukt. Weigeren is er niet bij, want dan wordt je zo ongeveer gearresteerd danwel publiekelijk aan de schandpaal genageld, tot groot vermaak van het toegestroomde publiek. Dit is dan ook de reden dat ik -wanneer ik ook maar ergens een televisieploeg ruik- maak dat ik wegkom.
Eten: doen we ook al niet goed. In een hele stoet kletsprogramma’s staat inmiddels een kok in het decor de meest ingewikkelde dingen te maken. Met die wildbeschilderde nicht bij Carlo en Irene als koploper. Of Joop Kotsschuttinge, de vleesgeworden stoofpot. Veelal speelt het pottengerammel zich af in een keuken, die U en ik amper of helemaal niet kunnen betalen. Alles gaat razend snel en efficient tijdens dat gekook. Ja zeg, hij heeft de hele repetitie de tijd gehad om alles voor te bereiden. Dat lukt U en mij thuis niet. Wij hebben daar helaas de tijd niet voor. Als we het al zouden willen. Opzouten (leuk woord trouwens in dit verband).
Wannahaves. Ook zoiets. Een onafgebroken stoet hebbetroep, die een doorsnee Nederlander niet eens kan betalen. Of dat makelaarsprogramma, waarin stelletjes op zoek gaan naar een passende koopwoning. Walgelijk. Gewoon een loei van een reklameblok voor de NVM. En er wordt niet ingegrepen. En dan ook nog even iedereen de ogen uitsteken met taxaties van woningen, waar de gemiddelde Nederlander alleen maar van kan dromen. Wat boeit het mij nou om te weten, dat Meneer W. 4 ton Euro waardevermeerdering boekt op een boerderijtje. In een jaar tijd. Leuk hoor voor die man, maar wat moet ik met die info? Donder toch op.
Heeft U die dochter van Harry Mens wel eens op TV bezig gezien? Wanneer ik dat mens zie kots ik werkelijk spontaan in twee minuten tijd alle vier de muren plus het plafond van onze woonkamer compleet onder. Er blijft geen stukje wit meer over. Zo erg vind ik dat stuk minkukeltrut. Nou ja, kotsen in gedachten dan, want ik voel er weinig voor om mijn interieur naar de ratsemidee te helpen vanwege Hola der Truthola’s, Juffrouw Mens. Kan dat Mens niet per gisteren van de huis worden getrapt? Mensonterend, dat is ze (ook leuk woord in dit verband). Een typisch aftreksel (ook al leuke woordspeling in dit verband) van haar vader.
Oh ja, dan natuurlijk niet te vergeten Trendies, dat prettige programma over veel te grote zeiljachten, veel te dure auto’s, en veel te dure sieraden. Laten we zeggen dat in dit kikkerlandje hooguit een 100.000 man in staat is om dit allemaal te betalen. Wel een erg kleine doelgroep voor zo’n duur programma, toch?
Ja, en dan natuurlijk de nachtelijke tirades van TellSell en al die fitness apparaten, waarop we elk lichaamsdeel volledig naar de knoppen kunnen helpen. Met die overdreven Amerikaanse mafkezen die als feeenteeestik vinden. Brrrr….
Heb U ‘m een zo’n beetje? Dan volgt nu de conclusie. Sinds de moord op Fortuyn is het woord “demoniseren” niet meer weg te denken uit het Haagse jargon (van voornamelijk de LPF). Ik zou de term ergens anders voor willen gebruiken. Voor ons. Wij worden gedemoniseerd. Door al die hebben-hebben-hebben-programma’s op TV. Ik verlang ernstig terug naar de tijd, waarin we alleen Nederland 1 en 2 hadden. Met het Journaal voor de volwassenen, en de Verrekijker voor de kinderen. Meer dan voldoende.
Die 45km-dingen blijven me achtervolgen. Vanochtend weer. Ik rij op de weg van Ede naar Apeldoorn. Zit er %^&%$@##$$%% weer zo’n prutsding voor me. Inhalen op die weg is geen goed idee: te veel bochten, te veel bomen. Dus zit ik weer een kilometer of wat achter zo’n ellendegebakje. Van je kruiperdekruipkruipholadijee. Grrrr….
Zo, het zit er weer op. Moederdag. De jaarlijkse instinker, verzonnen door de middenstand opdat zij nog meer geld in hun bekrompen achterzak kunnen stoppen. Karrenvrachten goedbedoelde rotzooi zijn vandaag weer bij de moeders van Nederland naar binnen gedragen. Hele tankstations zijn geplunderd door kinderen, die uit plots ferm opwellende moederliefde op het laatste moment nog even een bosje veel te dure bloemen meenemen tijdens het noodzakelijk tanken op weg naar golfbaan, tennisbaan, bootje in het water, zondagsbrunch bij vrienden, of buitenhuisje. Het ontbreekt er nog maar net aan dat ze in volle vaart het huis van moeders voorbij rijden en de bloemen door het openstaande raam naar binnen flikkeren.
Gloeiende, wat heb ik een hekel aan Moederdag. Uit principe weiger ik om de middenstand naar de bek te spekken, zeker wanneer hun zucht naar meer geld wordt gebracht met een beroep op misplaatst familiegevoel. En dat dan ook nog in vette Euro’s berekend, want je maakt mij niet wijs dat we met die Euro geen oor zijn aangenaaid. Sinds de Euro wordt de middenstand er nog veel vetter rijker van dan in de goede oude guldentijd. Bij dit groots strevende maar klein blijvende winkelvolk is het niet Moederdag, maar Meurodag. Maar dit terzijde.
Laten we wel zijn. Wanneer je zoals ik al meer dan dertig jaar niet meer met je moeder onder een dak woont is de afstand groter gegroeid. Ze blijft je moeder, begrijp me niet verkeerd, maar om nu de door de wakkere middenstand afgedwongen intieme familiesfeer te gaan zitten spelen vind ik dus echt lariekoek. Sterker nog: ik heb er een bloedhekel aan. Wanneer het niet in principe elke dag moederdag is, is er iets grofstoffelijk mis. Toch?

Jaaaahhh!!! Zojuist mijn eerste geslaagde landing in XPlane uitgevoerd. Met een Boeing van American Airlines. Een prachtige approach, precies op tijd de throttles neergehaald en het landingsgestel uitgeklapt. De juiste bewegingen gemaakt met de flaps. Vervolgens een prachtige zachte landing, waar mijn passagiers nauwelijks iets van moeten hebben gevoeld. Vervolgens keurig op tijd de rem erop gezet en het bakbeest laten uitrollen. Alleen nog een klein probleempje: geen vliegveld in de buurt te bekennen. Ik sta in the middle of nowhere…
Wanneer ik alle via spam ontvangen aanbiedingen tot verlenging van mijn landmansgenotsknots zou hebben geaccepteerd zou dat ding inmiddels de afstand tussen Amsterdam en Parijs met gemak kunnen overbruggen.

Een reactie van K-Noord bij de post “Sukkel” van afgelopen donderdag roept weer een herinnering bij mij op. 1990. De Muur is gevallen. Ik rij van de krant in Enschede naar de krant in Apeldoorn voor een vergadering. Ik ben aan de late kant dus trap het gas wat extra stevig in. Wie de A1 een beetje kent weet dat in Twente de weg wat heuvels op en af gaat. Een heel eind voor me zie ik een enorme rookwolk boven de snelweg hangen. Ik denk nog daar staat een auto in de fik, dus even oppassen. Voor ik het weet rij ik zowat pardoes een Trabant binnen, die plots uit de blauwe rookwolk vlak voor me opduikt. Ik sta boven in de remmen en weet nog net te voorkomen dat ik op de Trabant klap. Ik gooi het stuur om en haal de Trabant links in. Het blijkt er niet eentje te zijn, maar een hele kolonne van een stuk of dertig van de stinkende pruttelauto’s. Tout DDR ruikt de vrijheid en gaat -ik denk- op weg naar Amsterdam voor een eerste rondje toerisme in het Westen in pakweg dertig jaar. Nog zeker een paar kilometer heb ik de stank van die pruttelauto’s in de auto gehad. En het hart in de keel… Uiteindelijk (toen ik weer normaal kon ademhalen) heb ik een fotograaf van de krant via de mobilofoon (die hadden we toen nog) gewaarschuwd en hij heeft de stoet nog net weten te fotograferen toen die Apeldoorn passeerde. Ik weet niet meer of de kiek de krant heeft gehaald, maar in het foto-archief moet-ie vast nog te vinden zijn. Ik zal maandag eens gaan kijken.
Gezien? Vanavond op TV? Loco-burgemeester van een gehucht in Limburg (ook wel bekend als Limbabwe), die een pauw uit de boom schiet. En wanneer blijkt dat het dier niet dood is rukt hij de kop er met de hand af. Buren schelden de man verrot (en terecht), hij kijkt alleen een beetje dommig in de camera en schudt zijn stomme kop vol onbegrip. Ik ben niet zo snel kwaad, maar nu ben ik wel kwaad, en verbijsterd tegelijk. Wat een stelletje hufters. En dan die achterlijke zakkum van de veterinaire dienst. “Mooi”, noemt hij het dat het beleid toch geeffectueerd kan worden. Je zou die vent een jachtgeweer in z’n reet stoppen en de trekker overhalen. Kan hij ook eens voelen hoe het is om een schot hagel in je lijf gepompt te krijgen… (Mijn excuses voor mijn taalgebruik hier, maar ik ben dus echt bijzonder loeiend kwaad over zoveel achterlijk gedoe).
Het is maar goed dat ik niet bij de KLM werk. De stand op deze ATV-dag sinds 09:00 uur: 32 crashes, 3 keer ingetrokken landingsgestel nog op de startbaan, 5 duikvluchten nog net op tijd rechtgetrokken, 1 gelukte start, nog geen enkele gelukte landing. PB leert X-Plane…

Wanneer je zo een beetje aan het herinneren slaat komt er weer van alles boven drijven. Zoals mijn eerste grote vakantieliefde, waar ik in geen jaren meer aan heb gedacht. Maar die me nu ineens weer glashelder voor de geest staat.
Ik was zeventien, met vriend Michiel in zijn Eendje naar Zuid-Frankrijk afgereisd, en op een camping bij Les Vignes in de Gorge du Tarnes beland. Op die camping stond ook een Engelse familie in een bungalowtent. Ze heetten Styan, kwamen uit Liverpool, en Annabel was het voor mij meest belangrijke onderdeel van dat gezin. Annabel was mooi, blond, en heel Engels. Ik zakte ter plekke door het campinggrasveld van pure verliefdheid. Nu moet ik even aangeven dat ik in die tijd uitermate lang haar had, zo ongeveer tot op de kont. Een echte hippie. Dat vond Annabel heel mooi, want ze zat vanuit haar stoeltje bij de voortent steeds naar me te kijken. Vader Styan had er echter een geheel andere mening over, zo bleek al snel.
Al mijn pogingen om Annabel alleen te spreken te krijgen mislukten, doordat vaderlief zijn oogappel angstvallig in de gaten hield. Na drie dagen was het eindelijk raak: Annabel liep met de afwas naar het gebouwtje, en ik maakte een omtrekkende beweging richting dat gebouwtje opdat vaderlief me niet zou zien. Bijna een uur kon ik met Annabel praten. Ze bleek ook zeventien te zijn, Waterman net als ik, vertelde over Liverpool, op wat voor soort school ze zat, dat haar vader sergeant in het Britse leger was. En nog veel meer. En mijn droom sinds drie dagen kwam uit: we zoenden. Annabel zag me duidelijk wel zitten.
Toen ging het helemaal mis. Ongeveer tien minuten, nadat Annabel met de afwas bij de familietent was teruggekeerd, kwam vader Styan op ons tentje afstevenen. Michiel en ik zaten op de grond voor het tentje, waar wij zojuist aan een redelijk omvangrijke joint waren begonnen om de gelukte toenadering te vieren. De stemming zat er dus prima in.
Kent u die tv-serie over toneelspelende Britse soldaten in India, met die schreeuwlelijk van een sergeant? Nou, vader Styan was daar een exacte kopie van. Met hezelfde barse stemgeluid, hetzelfde platte accent, en hetzelfde schreeuwvolume. Hij ging wijdbeens voor me staan, keek me uitermate doordringend aan, en schreeuwde zodat de hele camping het kon horen: “If everrrrr I see you nearrrrr my daughterrrrrr again, IIII WIIIIILLLLL KILLLLLL YOU!”. Waarna hij zich parademodel omkeerde en in marstempo terugbeende naar de familietent. Annabel was in geen velden of wegen meer te bekennen en ik heb haar ook nooit meer gezien. Nog geen uur na deze korte toespraak brak de familie de tent af en verliet in ijltempo de camping. Ik heb daarna nooit meer een familie de tent zo snel zien afbreken en inladen. Annabel zal later wel met een militair zijn getrouwd denk ik. Doodzonde…
Niet gehinderd door enige vorm van kennis der verkeerswetgeving sukkelt het knaloranje 45km-autootje over de A12 bij Zevenaar richting de Duitse grens. Ik rij er een meter of honderd achter en moet gillend in de remmen om het ding niet in volle vaart plat te rijden. De Duitse vrachtwagencombinatie, die achter mij rijdt, heeft mijn remactie gelukkig tijdig in de gaten en haalt me in volle vaart links in. Wanneer de vrachtwagen vervolgens het sukkelende doosje passeert waait het 45km autootje letterlijk om. Het karretje komt op de rechterkant terecht schuift in een kleine vonkenregen de vluchtstrook op. Ik kan het niet helpen: eigen schuld dikke bult, denk ik, en rij er vrolijk toeterend aan voorbij. Sukkel…
PS: ik heb hier al vaker geprotesteerd tegen de levensgevaarlijke 45km-autootjes op rijks- en snelwegen. Wat ik gisteren -zoals hierboven geschetst- meemaakte sterkt me in de overtuiging dat die dingen per gisteren verboden moeten worden. Dezelfde behandeling als Autodrop.
Mijn vader ligt in zijn schilderij. Dat zal ik even uitleggen. Mijn ouwe heer (zoals ik hem altijd noemde) kon prachtig schilderen. Hij had ooit een kunstatelier in Apeldoorn, maar ging later noodgedwongen dingen doen waarmee wel geld kon worden verdiend. Er moest brood op de plank. Hij heeft heel wat bij elkaar geschilderd. Portretten, stillevens, landschappen. Hij was niet van de moderne kunst, maar meer van de klassieke school. Toch hadden zijn landschappen iets moderns, door een frisse kleurkeuze waardoor de schilderijen een zekere dieptewerking kregen. Van zijn werk zijn diverse exemplaren verkocht via een kunstzaak in O. Echt bekend was mijn vader als schilder niet, maar bij diverse kunstkenners was zijn naam wel bekend.
Zijn mooiste schilderij was een Veluws landschap met drie bomen, waar hijzelf bijzonder trots op was. Dat werd niet verkocht maar hing thuis boven de bank. Het hangt nu bij mijn moeder. Toen mijn vader overleed en was gecremeerd kwam het moment van de asverstrooiing. Dat gebeurde op een strooiveld in de buurt van A. Toen we daar aankwamen voor een kleine en bescheiden plechtigheid (mijn vader hield niet van bombast) zag ik een groepje van drie bomen, dat er nagenoeg hetzelfde uitzag als de drie bomen op het schilderij boven de bank. Ik heb toen besloten tussen die bomen zijn as uit te strooien. Mijn moeder was op dat moment te zeer ontdaan om te beseffen waarom ik die keuze maakte, maar later begreep ze het en vond het goed.
Zo komt het dat mijn vader in zijn schilderij ligt. En het mooie is: ik kom er elke dag twee keer voorbij, op weg naar en terugkerend van mijn werk. Elke ochtend kijk ik eventjes naar rechts naar de drie bomen en zeg zachtjes: “Môgge pa”. Of: “Ha ouwe, alles kits?” Of: “Heej Pipa”. Elke dag wel weer een ander groetje, anders wordt het zo eentonig. Mijn vader, die ook nog eens prachtig piano en orgel kon spelen, hield niet van eentonig. Als er iets belangrijks in ons leven is gebeurd zet ik de auto wel eens even aan de kant, draai een sjekkie, en vertel hem in gedachten in een paar regels wat er is gebeurd. En rij dan weer verder. Zo heb ik elke dag nog steeds op mijn maniertje eventjes contact.
Misschien heeft hij me vannacht in die droom willen laten weten dat die dagelijkse boodschap ergens overkomt.
Vannacht stond ineens mijn vader voor me. Hij overleed 7 jaar geleden, maar kwam vannacht via de gang onze woonkamer weer binnen. In de beige parka regenjas die hij altijd droeg. Met hoedje. Een beetje gebogen lopend, zoals hij altijd deed. Ik keek hem aan, omhelsde hem, klopte hem zachtjes op zijn rug, en zei: “Ik ben blij dat je er weer bent”. Toen werd ik wakker.

Soms is het erg prettig om de moderne hectiek van alledag even naast je neer te leggen en terug te keren naar de rust van toen. Zet hierbij een koptelefoon op en draai zachtjes vogelgeluiden, gemixt met het geluid van ruisende bomen. Dat klopt aardig met zoals de werkelijkheid destijds was, volgens de verhalen van mijn grootvader.
Paniek! Er dreigt een forse crisis in de studio! Juffrouw Jannie heeft ons vanavond (of eigenlijk is het gisteravond, want het is nu al weer een klein half uurtje woensdag) medegedeeld dat ze op Cuba een man heeft leren kennen, en dat ze ernstig overweegt om naar Cuba te vertrekken. Voorgoed. En dus dat ze haar baan bij ons gaat opzeggen. Wie zijn wij om dat tegen te houden, maar we hebben toch wel even ernstig met haar in de regiekamer gesproken. Weet ze dit wel zeker? Hoe lang kent ze die vent? Tien dagen? Is dat niet veel te kort voor zo’n enorme stap? Enzovoorts, enzovoorts. En natuurlijk: hoe moet dat dan met onze koffievoorziening? En haar nog jonge weblogbaby?
Het was een pittig gesprek. Ze is zojuist uit de studio vertrokken. Ze blijft vooralsnog bij haar plan. Het zal toch niet dat ze ons, op de valreep voor haar 12,5 jarig jubileum, in de steek laat voor d’een of andere Cubaanse sigaar? Als ik Fidel Castro nou eens een mailtje stuur en hem vraag om een inreisverbod voor Juffrouw Jannie af te kondigen. Zou dat helpen? Kortom: we schuwen geen enkel middel om Juffrouw Jannie voor een ondergang te behoeden. En onszelf trouwens ook…
Mijn postje van 4 mei ter gelegenheid van de dodenherdenking is kennelijk niet aangeslagen of begrepen. Juffrouw Jannie had ‘m ook geplaatst om nog meer weblezertjes te bereiken. Er kwamen welgeteld twee reacties, waarvan er een luidde: “doodlopen is ook een kunst”. Op zich spits gevonden, maar in het licht van de dodenherdenking misschien toch (onbedoeld waarschijnlijk) ietwat aan de wrange kant. Wat ik bedoelde tot uitdrukking te brengen was bij nader inzien wat te complex, ook voor mezelf, want ik krijg het nu -twee dagen later- niet meer geformuleerd zoals ik het eergisteren in mijn hoofd had. Het was zoiets als: “Wanneer we de doden van de Tweede Wereldoorlog niet meer herdenken, en ons dus niet meer realiseren hoe we aan onze vrijheid van vandaag zijn gekomen, geraken we in een sombere doodlopende weg.” Hmmm, achteraf misschien beter een andere foto kunnen kiezen. Nou ja, als ik ‘m maar begrijp, dan ben ik al zeer tevreden.
Hoor ik vanmiddag op de radio een interview met een onmiskenbaar Rotterdamse mevrouw. Half snikkend vertelt ze dat ze sinds 6 mei vorig jaar geheel ontregeld is en nog steeds elke dag de hele dag met Pim bezig. Ik kan het niet helpen. Ik denk prompt: “Jasses, mens, heb je niks beters te doen met je leven?”

Te koop. Grondbezit: vanwege de lage prijs ineens heel erg dichtbij, maar tegelijkertijd ook zo ver weg.

Zit ik hier dagen lang te zoeken naar een mogelijkheid om al mijn documenten te indexeren, zodat ik gemakkelijk op inhoud kan zoeken. Van alles geprobeerd onder Apache2, op de PC. En onder IIS5, ook op de PC. Ingewikkeld geinstalleer, waar ik het geduld en de tijd niet voor heb. Ellenlange scripts met taal waar ik geen snars van begrijp. PHP, Perl: ik krijg ze uiteindeljk wel geinstalleerd en aan de praat, maar niet aan het indexeren. Zelfs het voor kenners zo eenvoudige Simple Search Perl-script is voor mij te hoog gegrepen. Ik verander alle variabelen precies zoals het in de Readme.txt staat. Maar werken? Ho maar.
Dan maar de standaard index service van Windows XP. Nee, ook niets: zo traag als dikke stroop, en indexeert bovendien geen PDF-bestanden. En daar heb ik er wel een heleboel van. Er staat wel ergens in de Help-bestanden dat er plug-ins zijn waardoor PDF-bestanden wel worden geindexeerd, maar waar je die dan kunt ophalen staat er niet bij. Typisch Microsoft. En: je moet in deze standaard voorziening van Windows XP zoeken via een user interface die werkelijk knulligheid ten top uitstraalt.
Niks lukt dus. Blijkt de oplossing zoals wel vaker zo dichtbij te liggen. Onder OS X 10.2 (op de Mac dus) draait het zoekprogramma Finder. Als ik de eerste keer op inhoud zoek wordt de hele handel automatisch geindexeerd en ik vind meteen wat ik hebben moet. Hoef er niets extra’s voor te doen. Dat duurt die eerste keer wel even, maar dat geeft nix, want het gebeurt allemaal keurig op de achtergond terwijl ik iets anders op de Mac doe. Wanneer ik de tweede keer iets zoek staan de documenten, waar het zoekwoord is gevonden, in no time op het beeldscherm. Juist, dat is wat ik zocht. Da’s nou wat ik noem easy computing. Natuurlijk op de Mac.
Misschien als PC-gebruiker toch een beetje nieuwsgierig geworden naar zo veel gebruiksgemak? Kijk dan even hier.
Op 18 april lanceerde ik Trabi TV, weet U nog? Wat zien wij hedenavond in Man Bijt Hond:

Zouden ze daar bij de NCRV PB’s weblogje lezen?