Beuk!

Mag ik U even voorstellen? Die meneer die daar zo onschuldig en kinderlijk optimistisch met een oranje bandje staat te frummelen? Da’s Onze Minister President. De baas van dit land, die als standvastig leider sturing moet geven aan het ombuigen van de neerwaartse spiraal in deze bananenrepubliek…
Kunt U zich voorstellen dat ik vanavond eerst met volle verbazing naar het journaal heb zitten kijken? Toen met open bek van verbijstering? En vervolgens in lachstuip van de bank ben gegleden? Nee, dat zal ze leren, die radikale moslims en radikale brandstichters (laten we die even niet vergeten). Een Oranje Polsbandje! Het hele kabinet moet eraan geloven, Balkenende voorop. Het Machtige Wapen tegen intolerantie en onbegrip. De Grote Maatregel tegen de destabilisatie van dit land. Godsallemachtig!
Ik kan het niet helpen. Ik begin me zolangzamerhand behoorlijk woest te maken over de volstrekt knullige en incompetente wijze, waarop deze regering en Tweede Kamer met de huidige identiteitscrisis van dit land omspringen. Dat discussieert en kletst maar door, maakt zich druk over een flutmotie van D’66 inzake een verstoft wetje van Opa Donner, brandt die na een week gezever vervolgens af, en roept dan in koor dat men toch wel een belangrijk fundamenteel debat heeft gevoerd. En ondertussen zakt deze bananenrepubliek steeds verder in de put, en gebeurt er dus qua adequate maatregelen nog steeds helemaal niets. Schande! Een collega van me, afkomstig uit Twente, zei het eerder deze week heel mooi: “We zijn in dit land een heel eind van alles weg”.
De metafoor van de zandbak vol kindertjes, die elkaar met schopjes op het hoofd slaan net zolang tot de sterkste overblijft, doemt alweer voor mijn geestesoog op. Het kaartenhuis Nederland zakt steeds verder ineen, edoch de top van dit land danst nog steeds, geilend op politiek eigenbelang en media-aandacht, de bekende rituele rondjes op de bovenste verdieping van dat kaartenhuis. Het is om wanhopig van te worden.
Beste Balkenende, luister goed. Het wordt uitermate hoog tijd dat je die zalvende en sussende nulretoriek laat varen en overgaat tot kortdadige en heldere praat. Sla letterlijk met de vuist op de praatplank in de Tweede Kamer en brul in die microfoon: “En nou is het godverdomme afgelopen met dat gesodemieter in dit land!” De here, waar je zo in gelooft, zal het je deze keer niet kwalijk nemen dat je even een krachtterm toepast, en Donner evenmin (die durft toch niet meer). Roep vervolgens die ministersbende van je -alsmede het Kamer-gepeupel- tot de orde en ga over tot heldere maatregelen. En luister en passant ook even heel goed naar wat Rita Verdonk te melden heeft: die dame zit er qua beleving en inschattingsvermogen nog het dichtste bij.
Balkenende: neem maatregelen waar alle partijen (met de nadruk op alle) in dit ernstige conflict (ja, ernstig conflict, want dat is het inmiddels!) tussen bevolkingsgroepen duidelijkheid en helderheid aan kunnen ontlenen. Schep duidelijkheid, geen mist. Het wordt nu toch echt de hoogste tijd.
Trouwens, dat oranje bandje: ik ga dat niet dragen. Omdat ik geen bandje nodig heb om respect te tonen voor anderen. Dat doe ik namelijk al jaren. Omdat ik van mening ben dat dat gewoon zo hoort. Je mag mekaar alles zeggen, maar dan wel met behoud van respect. Zo simpel is het.
En als ik dat bandje niet draag, wat maakt mij dat dan? Ben ik dan soms automatisch gebrandmerkt als niet-tolerant? Door de bandjesdragers? Omdat ik dat kutbandje niet draag? Daar hadden jullie initiatiefnemertjes nog niet aan gedacht he? Nee, natuurlijk niet. Ook jullie hebben de ware diepte van de put nog steeds niet gemeten.
En dan nog wat. Mijn schoonmoeder is vanochtend in het zwembad te A. door een moslimmeneer gemaand het water te verlaten met de woorden “Jij vrouw, eruit”. Want hij was moslim en mag niet samen met vrouwen het water in. Nu is mijn schoonmoeder voor de duvel niet bang en is de discussie met die meneer aangegaan. Heeft moslimmeneer uitgelegd dat we hier in Nederland gewoon gemengd zwemmen, dat hij hier te gast is, en zich dus aan de regels en gewoonten van dit land dient aan te passen. Wij lopen in Marokko toch ook niet met lieslaarzen aan de moskee in? Nou dan. En als hem dat niet bevalt (en dat is des mans volstrekte vrije keuze), dattie dan gewoon moet wegwezen naar een land waar gemengd zwemmen niet is toegestaan. Heeftie er ook geen last meer van. En vervolgens is ze weer het water ingegaan. De andere vrouwen, die door moslimmeneer waren gemaand te vertrekken, waren op dat moment al daadwerkelijk uit het zwembad verdwenen. De badmeester, aan wie dit hele gedoe (oplettend als hij moet zijn) niet kan zijn ontgaan, deed net alsof zijn neus bloedde en ondernam he-le-maal niets. Zo ver zijn we al in dit land…
Het is maar een simpel voorvalletje, maar in de eenvoud zeer tekenend voor wat er in deze banananrepubliek volstrekt verkeerd gaat. De in beginsel belangrijke tolerantie is verworden tot een uit z’n voegen gegroeid gedrocht, en wel dusdanig dat de zaak niet meer te controleren is en volledig uit de hand begint te lopen. Of beter misschien zelfs: is gelopen. We durven geen heldere grenzen meer te stellen, omdat we dan direct worden gebrandmerkt als niet-tolerant. Of zelfs erger: als rechts-radikaal, of als anti-moslim. Zo ver zijn we al in de put gezakt.
Balkende: vuist op de Haagse praatplank en de beuk d’rin! Het moet nu maar eens afgelopen zijn met dat gesodemieter! Doe wat, godsallemachtig (pardon)!
Natiksel: U moet me maar niet kwalijk nemen dat ik hedenavond nogal fel een enorme berg irritatie en frustratie van me afschrijf. Ik weet haast zeker dat er in dit land nog veel meer mensen rondlopen met soortgelijke gevoelens van onmacht, woede, frustratie en treurigheid. Zij tikken veelal geen weblogs, ik wel. Vandaar. Zo. En nu zet ik de stereo op 10 en stop er een CD met Brandenburger Konzert in. Dat beukt tenminste en geeft weer ballengevoel!


