Kiezen. Normaal gesproken geen probleem. Je staat voor een keuze, denkt na, kiest, neemt de consequenties, slaagt of niet, en gaat door. Simpel eigenlijk.
Deze keer echter is kiezen anders. Gaat deze keer over gevoel, emoties, creativiteit, onzekerheid, durf, totale verrassing, respect, zo onverwacht, zo dichtbij en toch ver weg… ongrijpbaar. Een tollende kolk van denken, durven, niet durven, bang zijn dat je iets kapot maakt wat je niet kapot wil hebben, of wat je niet in de kiem wil smoren. Wat wellicht niet eens bestaat, nota bene.
Van hopen, van terugschrikken, van waarnemen en dan overtuigd zijn, en even later toch weer niet. Omdat het rationeel denken weer de overhand krijgt. Dat verrotte rationele denken. Van kleine signalen die je groot leest. Van grote signalen, waar je heel klein van wordt.
Kiezen is een kwestie van de eerste stap durven zetten. Zoals je op dat moment denkt hoe het moet. Moet je eigenlijk helemaal niet zo lang over nadenken. Te veel denken smoort en laat kansen als zand tussen je vingers wegglijden. Dus nemen die stap. Met vijftig procent kans op groots, en vijftig procent kans op niets. Hmmm… wanneer je het zo bekijkt: wat is een stap nou helemaal. En vijftig procent kans is ook niet slecht. Weet je wel meteen waar je aan toe bent. Hoef je niet meer te kiezen.
Alleen wat als het niets blijkt te zijn…
Heb hier eerder al eens laten blijken da’k het niet zo hoog op heb met de immens zelfingenomen kwast Ronald Giphart. Emmertje. Het leuke is nu da’k een poosje terug ergens in het westen des lands (doet er niet toe waar) buiten sta te paffen. En wie komt daar kwasi nonchalant (edoch zichtbaar genietend van zichzelf) aangesjokt, in trendy pakje met helse gymschoentjes eronder? Juist, hij dus. Vergezeld van een nog veel enger typetje. Snel zakenpakje, kek stropdasje, coupe du windhoos, buitensporigmodel bril. U kent ze vast wel: semi-trendy typetje. Niets echts aan. Zal wel zijn zaakwaarnemer zijn, of zoiets onbenulligs.
Goed. Ik zie hem naderen, de Gip. Op weg naar de hoofdingang van het gebouw, waarnaast Uw PB dus staat te paffen. Er schiet van alles door m’n hoofd. Zal ik beginnen te lachen? Of een been uitsteken? De sigarettenpeuk naar z’n kop schieten? Of keihard roepen dat ik de Gip toch zo’n ontzettende lul vind? Of heel fijntjes opmerken dat de gymschoentjes toch echt niet kunnen bij deze wilde verzameling semi-trendy kleding?
PB neemt natuurlijk het meest wijze besluit, en doet of zegt helemaal niets. Draagt toch niks bij. Dan passeert de Gip op nog geen anderhalve meter afstand en semi-swingt naar de draaideur. Ik denk: “Gip, je moest eens weten wie je zojuist bent gepasseerd. De enige echte PB, die je in zijn weblog al eens flink onderuit heeft geschoffeld.” En grinnik. Dat bemerkt de Gip. Hij draait zich half om, kijkt me vaag aan. Ik kijk even vaag terug. De Gip draait zich weer naar de draaideur, en gaat naar binnen, heeeeel belangrijk lullend tegen de zaakwaarnemert. Leuk hoor, de Gip op verbale killafstand, en dan toch alleen maar vaag aankijken. Wat een klein opdondertje eigenlijk, die vent…